Aantastende insecten 2017-03-15T16:25:58+00:00

Overzicht aantastende insecten

Klik op één van de onderstaande insecten voor meer informatie…

OBM | Kruipende insecten | Broodkever
Bel OBM! 06 12 99 90 25

Informatie niet gevonden? Neem contact met ons op.

Tapijtkever

Uiterlijk

  • Gewone tapijtkevers zijn 1,8 tot 3,2 cm lang
  • Ovaalvormig tot cilindrisch van vorm, vaak vrij dof (zwart) gekleurd
  • Drie onscherpe brede dwarsbanden, lichtbruin wit van kleur
  • De larven zijn eivormig met een lichte beharing; aan het achterste segment staan 2 bosjes bruine haren die schuin naar elkaar gericht zijn als een tentdakje

Ontwikkeling

  • Volledige gedaanteverwisseling
  • Het eistadium duurt 6 tot 35 dagen, afhankelijk van de temperatuur; het larvestadium kan 2 tot 12 maanden duren
  • De popfase duurt 5 tot 19 dagen. Het imago kan nog tot 30 dagen in de pophuid blijven zitten
  • De vrouwtjes leggen hun eieren in vogel- en wespennesten, in nesten van andere dieren, in gedroogd aas, in wollen kleding en wollen kleden
  • Gemiddeld één generatie per jaar (18 tot 25°C), maar bij gunstige voedsel- en temperatuursomstandigheden kan dat oplopen tot 3 generaties per jaar

Leefwijze

  • De larven leven uitsluitend van dierlijke producten
  • Volwassen gewone tapijtkevers zijn bloembezoekers en leven van nectar en stuifmeel
  • De kevers kunnen zeer goed vliegen; de larven kunnen grote afstanden in een woning afleggen (het kan moeilijk zijn om de bron op te sporen
  • De kevers leven bij voorkeur in een droge omgeving

Schade

  • Het is alleen de larve van de gewone tapijtkever die voor schade kan zorgen
  • Grote schade kan ontstaan aan wollen producten, bouwvilt en opgezette dieren

Bestrijding

Voor vrijblijvend advies over het bestrijden van tapijtkevers kunt u het best contact met ons opnemen.

Terug naar boven…

OBM | Kruipende insecten | Tapijtkever

Tapijtkever

OBM | Kruipende insecten | Rijstmeelkever

Rijstmeelkever

Rijstmeelkever

Algemeen

  • Rijstmeelkevers worden aangetroffen in en bij plantage producten, vooral graanproducten.
  • Ze treden vooral op in graan als secundaire beschadigers, nadat primaire aantasters, zoals bijv. klanders het graan min of meer hebben verbrokkeld.

Uiterlijk

  • Rijstmeeldkevers: 4 mm groot, roodbruin van kleur, antennen aan de top knotsvormig ver-dikt. De voorvleugels of dekschilden van deze familie zijn fijn gestreept. Larven tot 8 mm lang zijn geelbruin van kleur.
  • Kastanjebruine rijstmeelkever: 3-4 mm groot, kastanjebruin van kleur, antennen knotsvormig: larven 6-8 mm lang; geelbruin.
  • Grote rijstkever: ook wel lysolkever genoemd; lijkt uiterlijk op de meeltor 5-6 mm groot, donkerbruin van kleur. Antennen en poten rood tot roodbruin van kleur. Larven 9-12 mm lang en geelbruin van kleur.

Ontwikkeling

  • Volledige gedaanteverwisseling.
  • Rijstmeelkever: planten zich snel en gedurende het gehele jaar voort, zijn wel sterk temperatuurgevoelig. Het wijfje kan per jaar honderden eitjes leggen. 30 graden Celsius is hun voorkeurstemperatuur. Bij 35 graden Celsius duurt de volledige ontwikkelingscyclus 20 da-gen. Het kevertje kan ca. 1,5 jaar leven. De eitjes worden los gelegd. Komen uit na 3-9 da-gen.Larven zijn actief, hebben 3 paar poten. Vervellen ongeveer 8 keer. Pop gelig van kleur ongeveer 5 mm groot.
  • Kastanjebruine rijstmeelkever: deze soort is nog sterker afhankelijk van warmte; in niet verwarmde opslagplaatsen kunnen zij niet overleven. Overigs is de ontwikkeling bijna gelijk aan die van de rijstmeelkever.
  • Grote rijstmeelkever: het wijfje kan gedurende haar leven ca. 900 eitjes leggen. Ontwikkeling gelijk aan bovengenoemde soorten.

Leefwijze

  • Algemeen
    • Behoren tot de voorraadinsecten
  • Voedsel
    • Leven van plantaardig voedsel
    • worden o.a. aangetroffen in meel, grutterswaren, brood, macaroni, bonen, gedroogde vruchten, kruiden, chocolade
  • Temperatuur
    • Alle soorten ontwikkelen zich bij voorkeur bij temperaturen van 30-35 graden Celsius. Bij 20 graden Celsius en lager staat de ontwikkeling stil.
    • Bij -6 graden Celsius worden alle stadia binnen 24 uur gedood. Bij +7 graden Celsius worden alle stadia binnen 24 dagen gedood.
  • Schuilplaatsen
    • Leven tussen opgeslagen voorraden in lege opslagplaatsen voeden ze zich met achtergebleven resten in naden van de vloer of in het pleisterwerk.

Schade

  • Verontreiniging is de voornaamste schade
  • Aangetaste voorraden vertonen de neiging tot schimmelen
  • De voorraad kan een muffe tot zeer zure lucht krijgen

Bestrijding

Voor vrijblijvend advies over het bestrijden van rijstmeelkevers kunt u het best contact met ons opnemen.

Terug naar boven…

Broodkever

Uiterlijk

  • De broodkever is 0,2 tot 0,4 cm lang, langwerpig ovaal, fijn behaard.
  • Kleur: bruin tot roodbruin.
  • De dekschilden vertonen fijne lengtestrepen.
  • Het halsschild bedekt de kop als een soort monnikskap.
  • De antennen staan ver uit elkaar.
  • De larven zijn 0,5 mm lang, hebben pootjes en kunnen zich goed verplaatsen.

Ontwikkeling

  • Volledige gedaanteverwisseling.
  • Het vrouwtje legt 50 tot 60 eitjes, liefst op donkere plaatsen.
  • Bij 18°C komen de larven na 28 dagen uit; ze verpoppen zich na 4 vervellingen.
  • Ontwikkelingsduur is 7 maanden bij 18°C; bij 26°C 2 maanden; bij 30°C zeer snel (1 maand).
  • In niet-verwarmde ruimten komt per jaar 1 generatie voor; in verwarmde ruimten zijn dat er jaarlijks 2 tot 3.
  • Bij lage temperaturen staat de ontwikkeling vrijwel stil.

Leefwijze

  • De uit het ei gekomen larven kunnen tot 8 dagen zonder voedsel.
  • Het voedsel van de larven bestaat uit allerlei harde, droge zetmeelhoudende producten (bijv. macaroni, bouillonblokjes, honden- en kattenbrokjes).

Schade/overlast

  • De larven van de broodkever boren zich door de voedingsmiddelen een weg naar buiten en laten ronde gaatjes achter.
  • De kevers boren zich door verpakkingen heen (plastic, papier en zelfs folie).
  • Verminderen van de kwaliteit van de voorraad door knaagschade en vervuiling vanwege de uitwerpselen.
  • In meelachtige producten treft men de cocons van de broodkeverlarven vaak aan tegen de wanden en op de bodem van de verpakking.

Bestrijding

Voor vrijblijvend advies over het bestrijden van broodkevers kunt u het best contact met ons opnemen.

Terug naar boven…

OBM | Kruipende insecten | Broodkever

Broodkever

OBM | Kruipende insecten | Graanklander

Graanklander

Graanklander

Algemeen

  • Zeer algemeen in graanopslagplaatsen.
  • De graanklander kan (in tegenstelling tot de rijst -en maisklander) niet vliegen.
  • Deze keversoort tasten meestal hele graankorrels aan.
  • Zij kunnen echter bij afwezigheid hiervan ook andere vaste meelspijzen of zetmeelhoudende waren als vermicelli, macaroni, erwten, kastanje, eikels hondenbrood, ect. aantasten.

Uiterlijk

  • Deze klanders zijn 3-5 mm groot.
  • Deze graanklander verschilt duidelijk van zijn familieleden de rijst -en maisklander, doordat bij de graanklander de vleugels ontbreken en de dekschilden aaneen zijn gegroeid.
  • Zij hebben knotsvormige antennen die halverwege geknikt zijn als een elleboog.
  • De klanders hebben een cilindrisch hard lichaam, dat rood-bruin tot zwart van kleur is.
  • Het halsschild van deze klanders is relatief groot en nauwelijks korter dan de dekschilden.
  • De graanklanders heeft voorts in het halsschild ovaalvormige putjes, terwijl de lijnen op de dekschilden duidelijk gescheiden zijn.
  • De rijst- en maisklander hebben ronde putjes in het halsschild, terwijl de lijnen op de dek-schilden dicht bij elkaar liggen. Deze schilden hebben voorts 2 paar oranje vlekken.
  • Het verschil tussen de rijst- en maisklander is alleen te zien door een gedetailleerde studie van de genitaliën.

Ontwikkeling

  • Volledige gedaantewisseling.
  • De vrouwelijke kever boort met haar snuit een gaatje in de graankorrel en legt hierin 1 ei, waarna zij het gaatje weer dicht maakt met een afscheidingsproduct, dat dezelfde kleur heeft als het graan.
  • Op deze wijze kan zij 2 tot 3 eieren per dag leggen; doordat ze betrekkelijk lang leeft, kan ze in totaal wel een paar honderd eitjes leggen.
  • Uit het ei komt een witte, pootloze larve. Deze vreet de hele korrel leeg en verpopt zich daarna in het omhulsel van de korrel. Na ongeveer 1 week verlaat de volgroeide kever deze huls, waarna de cyclus zich weer herhaalt.
  • Bij 23 graden Celsius duurt de ontwikkeling van ei tot imago ongeveer 1 maand.
  • De volwassen kever leeft bij een temperatuur van 28 graden Celsius ongeveer 3 maanden en bij 20 graden Celsius 5-7 maanden.
  • De ontwikkeling staat vrijwel stil bij temperaturen beneden 13 graden Celsius.
  • Onder gunstige omstandigheden brengt de graanklander 3 tot 4 generaties voort, anders 3 tot 4 per jaar.

Leefwijze

  • De graanklander wordt ook wel buiten aangetroffen. Dit in tegenstelling tot de rijstklander, die alleen in min of meer verwarmde opslagplaatsen kan leven.
  • In opslagplaatsen leeft de klander het liefst in het midden van de graanhoop, aangezien het daar warmer is.
  • In onverwarmde ruimten verschuilen zij zich tegen het begin van het koude jaargetijde op de warmste plaatsen, bijv. langs verwarmingsbuizen of aan de zuidzijde van de ruimte.
  • Zij kunnen voorkomen in opslagplaatsen, silo’s maalderijen, woonhuizen.

Schade

  • Door de uitwerpselen kunnen granen muf worden.
  • Aan- en uitvreten van de korrel door de kever en larve.
  • Vermindering van kwaliteit.
  • Door condensvorming kan bij langere opslag het graan gaan spruiten.

Verspreiding

  • De kevers behoorden oorspronkelijk niet tot onze fauna. Zij zijn echter lang geleden uit warmere landen met de graanhandel in onze streken ingevoerd.
  • Wordt met onze transporten verspreid.

Bestrijding

Voor vrijblijvend advies over het bestrijden van Graanklanders kunt u het best contact met ons opnemen.

Terug naar boven…

Kleermot

Uiterlijk

  • Een volwassen kleermot is 0.8 tot 0.9cm, heeft een spanwijdte van 1.1 tot 1.7cm en is lichtbruin
  • De larve is gebroken wit, tot ca. 10mm lang en heeft geen ogen op de zijkant van de kop
  • De larven spinnen zich in een cocon; een pop zit gewoonlijk in een cocon van ca. 8mm lengte
  • Kleermotten hebben geelachtige voorvleugels; de achtervleugels zijn iets lichter van kleur

Ontwikkeling

  • Volledige gedaanteverwisseling
  • Onder gunstige omstandigheden duurt de ontwikkeling van ei tot imago in 3 maanden
  • Het wijfje legt 40 tot 120 ovale eitjes in of bij wol
  • De larven leven van dierlijke producten zoals wollen stoffen, tapijten, meubelbekleding, veren, bont, zijde en isolatiematerialen waarin dierlijke producten (zoals koeien- en paardenhaar) verwerkt zijn en kunnen deze volledig vernielen
  • Alle stadia kunnen binnen gebouwen gedurende het hele jaar voorkomen

leefwijze

  • Het vrouwtje van de kleermot legt haar eitjes tussen haren (bijv. isolatiemateriaal waar haren in verwerkt zijn)
  • Zij heeft een voorkeur voor natuurlijk textiel dat bevuild is en/of waarin transpiratievlekken voorkomen

Schade

  • Kleermotten larven tasten o.a. wol aan
  • Alleen de larven van de kleermot zorgen voor schade; de aantasting vindt altijd plaats op donkere, rustige plekken
  • Isolatiemateriaal waarin haren verwerkt zijn kunnen in kantoorgebouwen voor een ware motteninvasie zorgen
  • Ook opgezette dieren kunnen door kleermotten zwaar aangetast worden

Wering/preventie

  • Kleding schoonhouden en regelmatig luchten, niet te dicht op elkaar hangen
  • Kleding bij voorkeur bewaren in goed sluitende zakken, kisten of kasten

Bestrijding

Voor vrijblijvend advies over het bestrijden van de kleermot kunt u het best contact met ons opnemen.

Terug naar boven…

OBM | Kruipende insecten | Kleermot

Kleermot

OBM | Kruipende insecten | Bruine huismot

Bruine huismot

Bruine huismot

Uiterlijk

  • Kleur bruin met zwarte vlekken op de vleugels.
  • Lengte is 15mm lang en heeft een spanwijdte van 25mm.
  • De larve is wit en 1.5 tot 2cm lang met een bruine kop.

Ontwikkeling

  • Duur van eitje tot volwassen dier is ongeveer 4 maanden.
  • Het wijfje left 200-300 eitjes, niet in groepen maar afzonderlijk.
  • De bruine huismot vliegt in de zomermaanden en overwinterd in gebouwen.

Leefwijze

  • Leeft in vochtige en rustige plaatsen.
  • De larven eten zowel dierlijke als plantaardige producten.

Schade

  • De larven tasten veel schade aan: graanopslagplaatsen, wol, bont, linnen, vloerbedekking, kurk, hout, kleden enz.

Bestrijding

Voor vrijblijvend advies over het bestrijden van huismotten kunt u het best contact met ons opnemen.

Terug naar boven…

Meelmot

Uiterlijk

  • Een volwassen meelmot is ca. 1 cm lang en heeft een spanwijdte van 2 tot 2.8cm.
  • Voorvleugels grijs, achtervleugels geelwit.
  • De larve van de meelmot is wit; de pop is 7 tot 9mm lang

Ontwikkeling

  • Volledige gedaanteverwisseling
  • In verwarmde gebouwen komen ca. 2 tot 3 generaties p/jaar voor
  • Duur van ei tot imago: bij 18 tot 20 graden C ca. 90 dagen (bij 17 graden C is dat 150 dagen).
  • Bij temperaturen lager dan 13 graden C staat de ontwikkeling vrijwel stil.
  • Meelmotten komen voor in allerlei levensmiddelen, zoals meel, zemelen, havermout enz.
  • De vrouwtjes leggen 600-700 eieren, los in het product.
  • De larven maken spinsels, meel gaat dan in trossen samenhangen

Leefwijze

  • De uit de eitjes komende larven van de meelmot voeden zich met allerlei levensmiddelen; de andere levensstadia tasten niets aan.
  • Volwassenen larven verlaten hun voedselbron om op zoek te gaan naar een verpoppingplaats (naden en kieren).

Schade

  • Materiaal- en kwaliteitsverlies door aantasting van meel, meelproducten, cacao, chocolade, gedroogde groenten, vruchten, noten en andere plantaardige producten.
  • Verontreiniging door spinsels en uitwerpselen van de larven.
  • Meel dat door de larven van de meelmot is samengesponnen, kan voor verstopping zorgen.

Bestrijding

Voor vrijblijvend advies over het bestrijden van meelmotten kunt u het best contact met ons opnemen.

Terug naar boven…

OBM | Kruipende insecten | Meelmot

Meelmot